bannerwebsite kleiner

Dieet bij COPD

COPD is de afkorting voor Chronic Obstructive Pulmonary Disease. Dit is een verzamelnaam voor chronische bronchitis en longemfyseem.
 

Als u COPD heeft, kunt u zowel overgewicht als ondergewicht hebben. Zorg dat u goed en gezond eet. Uw lichaam heeft voldoende gevarieerde voeding nodig omdat het extra energie verbruikt. 

Een goed lichaamsgewicht is belangrijk voor uw gezondheid. Bij COPD kan je ondergewicht krijgen als je minder eet dan je lichaam nodig heeft. Bij COPD verbruikt het lichaam extra veel energie, omdat het vecht tegen de ontstekingen in de longen en omdat ademhalen meer energie kost. Daardoor kan je gewicht verliezen waardoor de weerstand omlaag gaat. Zo ben je vatbaarder voor virussen en bacteriën. 

Door benauwdheid en vermoeidheid, kan de eetlust afnemen. Het is begrijpelijk dat je niet altijd zin hebt om te eten. Misschien geniet je minder van lekker eten. 

Bij COPD adviseren wij een BMI > 21 kg/m2.

Bent u de afgelopen maand >3 kg of de afgelopen 6 maanden > 6 kg onbedoeld afgevallen? Er is dan sprake van risico op ondervoeding. Bij afvallen verlies je niet alleen vetmassa, maar vaak ook spiermassa. Belangrijk is om dit zsm tegen te gaan. Neem contact op met de diëtist!

Overgewicht komt ook voor bij mensen met COPD. Uw gewicht stijgt als u minder beweegt en meer eet dan uw lichaam nodig heeft. Een te hoge vetmassa werkt belemmerd voor je activiteitenpatroon. 


Een dieetadvies is vaak nodig omdat deze aandoeningen zorgen voor een verhoogd energieverbruik Dit kan oplopen tot wel 600 kcal per dag. Hierdoor kan sprake zijn van ongewenst gewichtsverlies, wat nadelig is voor de gezondheid en het verloop van het ziekte.
 
Ongewenst gewichtsverlies kan zorgen voor verminderde eetlust door kortademigheid, vermoeidheid, infecties, slijmvorming en koorts. Ongewenst gewichtsverlies kan de ademhalings- en skeletspieren (arm- en beenspieren) verzwakken en uw weerstand doen afnemen.
U hebt dus voeding nodig met voldoende energie en eiwitten om:
- uw klachten te verminderen;
- in een goede conditie te komen of te blijven;
- uw ademhalingsspieren te versterken.
 
Indien u ongewenst gewichtsverlies heeft, dient u gelijk actie te ondernemen. Een diëtiste kan u een persoonlijk advies geven. Met een verwijzing van uw arts of praktijkondersteunster wordt dit advies volledig vergoed. U kunt alvast een kijkje nemen bij ‘energie- en eiwitverrijkt dieet’.
Belangrijk om te beseffen dat het terug opbouwen van spiermassa niet alleen met voeding op te lossen is. Extra spieroefeningen zijn een must! Overleg met een fysiotherapeut bij u in de buurt.
 
Heeft u overgewicht, dan kan het voor uw conditie toch goed zijn om af te vallen.
COPD op zich leidt niet tot overgewicht, medicatie zoals predniso(lo)n kan wel tot
gewichtstoename leiden. Overgewicht heeft een nadelige invloed op de klachten en
beperkingen van COPD. Extra lichaamsgewicht betekent meer inspanning bij
bewegen. Overgewicht leidt tot kortademigheid, u kunt zich minder inspannen en bent sneller
moe. Het is bij het afvallen wel belangrijk dat u vetmassa verliest onder de juiste
omstandigheden en de spieren behoudt. Wilt u een paar kilo’s kwijt, doe dit dan onder
begeleiding van een diëtist. De diëtist helpt u om op de juiste manier gewicht te verliezen en
uw spiermassa te behouden.
 
Bij het gebruik van bepaalde medicijnen, bijvoorbeeld prednison kan een tekort aan
vitamine D ontstaan. Dit kan botontkalking veroorzaken.
 
Heeft u problemen met brood dan kunt u kiezen uit een vloeibaar alternatief, zoals pap of vla. Probeer daar wel kaas en vleeswaren uit het vuistje bij te eten en roer een klontje margarine door de pap.
 
Het is dan belangrijk dat u goed let op de inname van vitamine D en calcium (kalk). Om er
zeker van te zijn dat uw voeding voldoende van deze stoffen levert, moet u in ieder geval 4
glazen zuivel, 2 plakken kaas en 35 gram margarine en baken braadvet per dag nemen.
 
Ter voorkoming van verlies van spiermassa en gewicht volgen hier enkele tips:
- Eet vaker kleine porties. Neem liever 6 à 7 kleine maaltijden dan alleen 3
hoofdmaaltijden.
- Zorg voor variatie: wissel koude en warme, zoete en hartige gerechten met elkaar af.
- Vermijd te grote porties; een vol bord kan op slag de eetlust doen verdwijnen.
- Neem het nagerecht niet direct na de warme maaltijd, maar bijvoorbeeld een half uur
later.
- Fris-zure producten bevorderen de eetlust. Denk hierbij aan een klein glas vruchten- of
tomatensap, een (stukje) appel, augurk of tomaat. Ook een klein kopje bouillon is goed
voor de eetlust. Gebruik deze producten ongeveer een half uur voor de maaltijd.
- Neem liever niet te vaak voedingsmiddelen die snel een vol gevoel geven en weinig
energie leveren, zoals rauwkost en (grof) volkorenbrood.
- Drink voldoende over de dag, tenminste 1,5 liter. Kiest u daarbij vooral voor dranken die
energie en eiwitten bevatten. Gebruik in elk geval 0,5 liter zuivel.
- Neem de hoofdmaaltijden op de tijdstippen van de dag dat u zich het best voelt.
- Gebruik zonodig dubbel hartig beleg op uw boterham en neem tussendoor eens een
plakje extra. Bijvoorbeeld rookvlees, kipfilet, kaas, ham, rosbief, vis (tonijn, haring,
sardientjes uit blik) of een ei.
- Aan een schaaltje vla, pap of yoghurt kunt u voor extra energie wat suiker, honing,
limonadesiroop of een scheutje ongeklopte room toevoegen.
 
 
Wegen
Regelmatig wegen is een eenvoudige controle om te zien of u voldoende eet. Eenmaal per
week op dezelfde weegschaal op hetzelfde tijdstip van de dag wegen is meer dan
voldoende. Vaker wegen heeft geen zin. Bedenk wel dat aankomen in gewicht een
tijd kan duren; 1 kg extra lichaamsgewicht in een periode van 3-4 weken is al een heel goed
resultaat. Indien u afvalt (meer dan 1 kg per week of langer dan 3 weken achter elkaar),
neem dan contact op met uw diëtist.
 
Lichaamsbeweging
Voor het opbouwen van spieren heeft u voldoende eiwitten nodig. Daarnaast moet u
voldoende bewegen. U kunt pas spieren gaan opbouwen als u die spieren traint. U hoeft
daarbij niet aan een zwaar trainingsprogramma te denken. U kunt al een goed
resultaat bereiken als u zich aanwent om elke dag een paar keer een stukje te gaan
wandelen, wat vaker de trap te nemen of een stuk te gaan fietsen. Daarnaast zijn er speciale
oefeningen om been-, arm- en ademhalingsspieren te versterken. De fysiotherapeut kan u
hierin begeleiden. Om uw conditie te verbeteren is de combinatie van voedingstherapie en
bewegingstherapie de beste manier.
 
Dieetvoeding voor medisch gebruik
Soms lukt het toch niet om met normale voedingsmiddelen uw gewicht op peil te houden. U
kunt dan naast uw normale voeding dieetpreparaten gebruiken. Dit zijn producten die extra
energie en/of eiwitten bevatten. Wanneer u deze wilt gaan gebruiken, neem dan contact op
met uw diëtist. De diëtist kan u adviseren welke soorten dieetpreparaten u het beste kunt
gebruiken. Zij kan hiervoor een verzoek tot vergoeding bij de zorgverzekeraar indienen.
 
Specifieke klachten
Mensen met een longziekte hebben vaak enkele specifieke klachten die de voedselinname
kunnen beïnvloeden. Hieronder vindt u adviezen bij die voedingsproblemen.
 
Vermoeidheid en kortademigheid
- Gebruik een juiste ademhalingstechniek tijdens het eten:
 eet langzaam, kauw goed en praat zo weinig mogelijk bij het eten. Slik een hap in één
keer door en haal diep adem voor u een volgende hap neemt.
- Zorg voor een juiste lichaamshouding (zittend).
- Eet producten die u makkelijk kunt kauwen, zoals zacht vlees of vis, ei of omelet, ragout,
stamppot of zacht-gekookte groenten.
- Vloeibare producten eten gemakkelijk, omdat u ze niet hoeft te kauwen. Bijvoorbeeld
pap, vla, een gevulde maaltijdsoep of een drinkontbijt.
- Maak het eten ruim van tevoren klaar.
- Maak eten klaar dat makkelijk te bereiden is. Bijvoorbeeld kant-en-klaarmaaltijden, vlees
met een korte bereidingstijd, kant-en-klare nagerechten en eenpansgerechten.
- Als koken u te veel moeite kost, kunt u ervoor kiezen om de maaltijden te laten bezorgen
door een maaltijdbezorg- dienst.
- Wanneer u last heeft van benauwdheid tijdens de maaltijd, dan kunt u de
luchtwegverwijder het best ongeveer 20 minuten voor de maaltijd nemen.
- Zuurstoftherapie kunt u tijdens de maaltijd voortzetten.
 
Droge mond
- Kauw uw voedsel goed; dit geeft meer speeksel in uw mond.
- Drink iets bij iedere hap vast voedsel.
- Gebruik veel jus en saus bij uw warme maaltijd.
- Beleg uw brood met zacht of smeerbaar beleg, zoals leverpastei, paté, (vette) vis, zachte
kaas of smeerkaas, chocoladepasta, stroop, salade of roerei.
- Pap, vla, pudding, yoghurt of een drinkontbijt zijn makkelijk te eten.
 
Slijmvorming
Sommige voedingsmiddelen kunnen een plakkerig gevoel in de mond geven. Dit gevoel van
extra slijm is niet hetzelfde als het slijm dat u ophoest uit de longen, en kan geen kwaad.
Toch kan het een vervelend gevoel zijn.
 
Bij slijmvorming kunt het volgende doen:
- Neem een slokje water, vruchtensap of thee. Ook tijdens de maaltijd kunt u uw mond af
en toe spoelen.
- Gebruik zure melkproducten (karnemelk, yoghurt, kwark, Hüttenkäse en yoghurtdrank) in
plaats van zoete melkproducten (melk, vla). Deze geven minder slijm.
 Let er wel op dat u melkproducten niet weglaat uit uw
 voeding. 

 
Winkelwagen



1363549495-ideal2.jpg
Zoeken

www.mijndieetpagina.nl
webwinkel beginnen - powered by LB Media webshop